|
|
|
![]() |
|
|---|---|---|---|
| Amerika als immigratieland, lezingenserie |
Deze website hoort bij het immigratie project voor scholieren, een initiatief van: |
Waar wil je heen? |
Wordt aan gewerkt. Niet alle links zijn al actief! Historische tijdlijn immigratie Tweede en derde generatie Beroemde nazaten van immigranten Amerika portal Amerikaanse Geschiedenis Nieuwsbrieven over lezingenproject
|
|
Gemaakt door en onder redactionele verantwoordelijkheid van Copyright 2007: |
| Immigranten uit Italië
|
||
Tussen 1876 en 1924 kwamen meer dan 4,5 miljoen Italianen naar Amerika. Het overgrote deel kwam uit Zuid-Italië in pogingen de armoede en uitzichtloosheid daar te ontlopen. De grote stroom kwam pas op gang na de eenwording van Italië (de Risorgimento) tussen 1860 en 1870. De meeste Italianen betraden de VS via Ellis Island en werden snel opgenomen door de Italiaanse gemeenschappen in de grote steden. In eerste instantie kwamen vooral mannen naar de VS. Ze hadden niet de bedoeling om te blijven. In principe wilden ze genoeg verdienen om terug te gaan en dan in Italië In een latere fase, vooral na 1910, kwamen vooral vrouwen en complete gezinnen. In 1920 woonden in New York meer Italianen dan in Florence, Venetië en Genua bij elkaar. Ze werkten vaak voor een ‘padrone’ die werk boden in de industrie, de haven en de bouw. Omdat ze slecht opgeleid waren, bleven ze daar ook veelal hangen. Ze woonden ook in hechte gemeenschappen waar onder de immigranten Italiaans de voertaal was. Tussen 1886 en 1921 verschenen in Chicago zo’n twintig Italiaanstalige kranten. Pas de tweede en derde generatie maakte zich los van deze Little Italy’s (kijk bijvoorbeeld naar het tweede deel van The Godfather voor een – gekleurd – maar aardig beeld van de Italiaanse gemeenschap). Omdat de Italianen laatkomers waren in de immigratiegolven, moesten ze de omstandigheden maar accepteren die ze aantroffen en waren ze sterk op elkaar aangewezen. Omdat ze zo laat kwamen bleven ze ook in de steden hangen. De mogelijkheden van andere immigranten om op het platteland aan het werk te gaan, bestonden na 1890 niet meer. Soms vertrokken hele dorpen naar Amerika, waar ze ook bij elkaar bleven wonen. Italianen hadden in Amerika te maken met stevig wantrouwen van de Amerikanen. Als slecht opgeleide, armoedige en zuidelijke immigranten werd er getwijfeld aan hun vaardigheid (en bereidheid) om echt Amerikaan te worden. De Amerikaanse pers bijvoorbeeld Op zijn hoogtepunt was vijftien procent van de inwoners van New York van Italiaanse afkomst. Door het grote aantal kinderen, had in 1917 maar liefst dertig procent van alle kinderen in de openbare scholen van New York een Italiaanse achtergrond. Dat leidde tot een ‘Italiaans probleem’, met kinderen die onvoldoende Engels machtig waren, geen respect hadden voor onderwijzers en dergelijke. Interessant genoeg speelde het katholieke geloof organisatorisch niet zo’n grote rol, dat gebeurde pas weer in de jaren vijftig toen de derde generatie naar de suburbs verhuisde. Volgens de socioloog Nathan Glazer was bij de Italianen het gat tussen immigranten en tweede generatie nog niet zo groot. De afstand kwam pas met de derde generatie. Bij andere Europese groepen ging dat sneller. Het Italiaanse dorpsleven kon niet zomaar naar een stad als New York worden overgeplaatst. Daardoor ontstond er een groot gat tussen de ouders en de kinderen. De kinderen ma De stedelijke omgeving, met grote armoede, smerige behuizingen en veel gevaar, hielp natuurlijk niet echt. |
Waarin onderscheiden de Italiaanse imigranten zich van eerdere groepen die naar de VS kwamen? Bedenk voorbeelden hoe de stereotype beelden van Italianen nog steeds doorwerken in bijvoorbeeld films en televisieprogramma's. |
|